Sugar Factory redt het niet op kunst alleen

Parool, zaterdag 10 april 2010

Er staan weer dikke rijen voor Sugar Factory, die dit weekend vijf jaar bestaat. Na een dip heeft het nachttheater nieuw publiek gevonden. “Op kunst alleen red je het niet.”

Op eerste Paasdag stond de rij om een uur  ’s nachts nog meters ver in de zandbak van de Lijnbaansgracht. Al maanden ligt het drukke uitgaansstraatje open en moeten bezoekers van de Sugar Factory de plankieren trotseren om de dansvloer te bereiken. Zondagnacht, dat betekent Wicked Jazz Sounds nacht. Met voor iedereen op maandag vrij, dus was het nog drukker op het feest dat al vanaf dag één in Sugar Factory zit. “Snel gerekend hebben we er al zo’n 260 edities gedaan,” zegt Manne van der Zee van Wicked Jazz Sounds. Het feest is een begrip onder mensen die het zich kunnen permitteren op maandag uit te slapen.

Binnen zingt Berenice van Leer freestyle over de beats van de dj heen. Teksten over feesten, losgaan en dansen met een glimlach. Een saxofonist speelt mee. Er staat apparatuur klaar voor de band die ook nog op zal treden. “De live-muziek is ons element van de extra laag kunst die Sugar Factory altijd in de avonden wil hebben,” zegt Van der Zee. De Wicked Jazz Sounds muzikanten ontwikkelden zich tijdens hun wekelijkse optreden in Sugar Factory tot heuse band met eigen repertoire. Vorig jaar kwam hun album uit, dat goed ontvangen werd.

Daags voor de opening vijf jaar geleden werd gezegd: “Er is wel een grote dansvloer, maar de kunst staat voorop in de programmering.” Sugar Factory, in de voormalige suikerfabriek tegenover de voormalige melkfabriek, zou anders worden dan alle andere clubs, zei oprichter en toenmalig mede-eigenaar Jacek Rajewski terwijl de laatste hand werd gelegd aan de rubberen versiersels in de zaal. Het heette ook geen club, maar een nachttheater, al was dat ook een vergunningenkwestie. Het zou geen platte karakterloze verhuurdoos worden, zoals Amuse was zoals de plek daarvoor bekend stond. En ook geen gelikte cocktailtent waar hippe designers de plek een geur van grandeur moeten geven. Sugar Factory zou een plek worden waar kunst en uitgaan met elkaar zou integreren. Performances, dans, live-schilderen. DJ-sets moesten onderbroken worden door acts op het podium en in het publiek.

Niet alles van die ambities is waargemaakt. Kunst is duur, en in tegenstelling tot de Melkweg en Paradiso werd Sugar Factory niet gesubsidieerd. “Het manifest was wel hoog gegrepen ja,” zegt Carlos Valdes die ook al vanaf het begin bij Sugar Factory betrokken was en tussen 2005 en 2009 elke donderdag het feest Vreemd gaf. De dj en organisator vindt wel dat Sugar Factory altijd trouw is gebleven aan het streven van extra kunst tijdens de avonden en nachten. De eerste jaren van Vreemd, een techno avond, had Valdes bijna altijd performances. “De kwaliteit, daar keek ik niet echt naar. Als ik het idee tof vond, dan deden we het,” zegt Valdes. “Het was meer een open podium, als iemand iets wilde proberen, dan kon dat.” Soms werkte dat, soms niet. “Het laatste jaar deden we veel minder performances, we hadden er het geld niet meer voor. Er kwamen minder mensen.”

Live muziek, performances en theater, het kost allemaal geld. Dus eisen op de meeste feesten in de Sugar Factory de dj’s de aandacht op. Flyers, videokunst, een muurschildering zijn dan de toegevoegde kunstzinnige waarde. Bandjes en performers die in het begin nog graag in de nieuwe plek wilden optreden voor bijna niks, vragen nu flinke bedragen. “Dat krijg je, als je naam gevestigd is, dan verwachten mensen dat er geld is,” zegt Myra Driessen (39) die sinds september vorig jaar creatief directeur is. “Maar de inkomsten zijn niet gestegen.”

Vorig jaar is het Sugar Factory gelukt om structurele subsidie via het Amsterdamse Kunstenplan. Daarmee worden de exposities die in de rookruimte hangen die twee jaar geleden werd geopend gedekt. Jonge kunstenaars tonen daar hun beeldend werk, er hangt ook een videoscherm. “En we kunnen er theaterinitiatieven mee betalen,” zegt Driessen die al vanaf het begin als programmeur betrokken is.

“Sugar Factory begon als kunstzinnige, blanke organisatie,” zegt Driessen. Allemaal mensen die de hoogtijdagen van de performance hadden meegemaakt in de jaren tachtig, in de RoXY. “Het was een organisatie die gestoeld was op het enthousiasme van creativiteit op een bierviltje. Het was nodig om ook wat bedrijfsmatiger naar Sugar Factory te kijken.”

Want na drie, vier jaar was de eerste magic uitgewerkt. Succesavond Vreemd liep niet meer goed, ook op andere avonden werd het rustiger. Er kwam concurrentie bij van Studio 80, Trouw ging open, en aan de andere kant van het plein Club Up. “Zoals alle plekken had Sugar Factory ook last van de innovation graveyard, zoals dat in het management genoemd wordt,” zegt Driessen. “Na drie a vier jaar is het enthousiasme op, de rek eruit. Dan moet er nieuwe energie gevonden worden, moet je je proberen te herpakken.” Nigel Myrando (25) is programmeur en hoort bij het nieuwe bloed van de club. “Veel meer dan het techno- en gaypubliek kwam er anderhalf jaar geleden niet in Sugar Factory,” zegt Myrando. “Myra zag in dat we het op alleen dat publiek en alleen techno niet zouden redden.”

“We zijn nu een culturele plek geworden voor iedereen” zegt Driessen, die ook een nieuwe dansvloer over het marmer heen legde. Sugar Factory heeft nu een bredere programmering. Ook hiphopavonden, ook electro, dubstep, crossovernachten. “Ik wil alle hokjes slechten,” zegt Driessen. Bij Wicked Jazz Sounds is het publiek het afgelopen jaar ook diverser, donkerder geworden, merkt Van der Zee.

Om de programmering nog breder te maken, en beter, wil Driessen veel samenwerkingen aangaan. “Wij hebben een bredere culturele functie, moeten ons ook beseffen dat we bij het Leidseplein zitten en voor een breed publiek toegankelijk moeten zijn.” Sugar Factory doet mee aan festivals rond het Leidseplein, zoals het Comedy Festival of het Fringe Festival.

Sinds twee jaar worden er in samenwerking met de Melkweg bands geprogrammeerd, de capaciteit van de zaal ligt tussen die van de kleine zaal van Paradiso en de kleine zaal van de Melkweg in. “We willen graag vaker grotere namen als Roy Ayers,” zegt Driessen. “Maar met grote acts is meer geld gemoeid, en dat is voor ons een enorm risico.” Als Sugar Factory een betere naam krijgt als poppodium, wordt het ook makkelijker als springplak te fungeren voor kleinere acts. “Acts waarvan we denken dat ze een groter publiek kunnen bereiken, zoals we dat gedaan hebben met hiphopgroep Zwart Licht of zangeres Jenny Lane.”

Sinds kort heeft Sugar Factory ook een radiostudio, die uitkijkt op de rookruimte. Gerealiseerd in samenwerking met blad DJ Broadcast en Red Bull. “Het is een eeuwige zoektocht naar geld. We zijn helemaal niet vies van samenwerken met merken. Waarom zouden we? Merken zijn toch de mecenassen van de huidige tijd.”

Op de nacht tussen de paasdagen staan twee meisjes keihard mee te zingen met middle of the road kwelers in Club Pipi, ‘de kleinste club ter wereld’ naast de wc’s. Opblaaspop DJ Dolly is er de huisdj, via een schermpje kunnen bezoekers hun eigen favoriete track kiezen om met vrienden of onbekenden op te dansen op die ene vierkante meter onder de flikkerende discolichten. Vlakbij is het plafond beplakt met metalen sculpturen. “Er komen ook veel mensen naar Sugar Factory die niets met kunst hebben,” zegt Driessen. “Als je die mensen even hebt kunnen bereiken, even hebt kunnen prikkelen, dan ben ik tevreden.”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s